Vier heren in zwart-wit rokkostuum. Een decor waarop alleen maar een vleugel, een tafeltje en stoel staat. Lamellen aan de achter- en zijkant die voor de aankleding van het geheel zorgen. Het lijkt een kille bedoeling, maar dat is het zeker niet. Dit is het imago van Purper. Met ‘Purper in Concert’ brengen zij een kleurrijke voorstelling die als een warme deken over het publiek daalt.
Copyright Roy BeuskersCabaretgroep Purper bestaat uit: Erik Brey, Frans Mulder, Marco Braam en Tony Neef. Ze staan bekend om hun
close harmony songs, de uitzonderlijke humor die soms vlijmscherp kan zijn en de manier waarop ze maatschappelijke kwesties weten te relativeren. Dit jaar hebben ze hun voorstelling in een iets andere vorm gegoten. Minder tekst en meer muziek. Want muziek is internationaal. Iedereen verstaat de taal van de muziek.
De heren vragen zich tijdens de voorstelling namelijk af of ze internationaal kunnen doorbreken. Ze twijfelen echter of hun namen wel genoeg indruk achter kunnen laten bij het wereldwijde publiek. Want Eric Knitting en Tony Cousin zijn toch geen namen die indruk maken. “En wat moet je in vredesnaam maken van Frans Mulder? Frank Miller?”
Zero tolerance
Maar wat is er mis met Nederland? Waarom willen de mannen zo graag de internationale kant opgaan? Van Mulder hoeft het ook niet zo zeer. Hij is erg verknocht aan ons kleine landje. Al is het de laatste jaren niet meer wat het geweest is. Er heerst een zero tolerance mentaliteit en de mensen hebben tegenwoordig een vreselijk kort lontje. Hierdoor moet je zo vreselijk oppassen met wat je zegt. Je kunt haast jezelf niet meer zijn. “Je moet altijd uitkijken dat je niet op de lange tenen van een ander gaat staan”.
Door zijn gepieker en de soms langdradige (maar lachwekkende) manier waarop hij dingen vertelt, is hij een ideaal slachtoffer voor de rest van de groep. Hij wordt dan ook regelmatig in de maling genomen. Het mag dus duidelijk zijn dat er, ondanks de serieuze noot, nog genoeg te lachen valt. Dat kan ook haast niet anders met vier toppers op het podium. Maar dat de heren iets voorzichtiger in hun grappen zijn, is toch wel merkbaar.
Copyright Roy Beuskers Tony Neef
Dit jaar moeten de heren van Purper het zonder hun ‘
leading lady’ Gerry van der Kleij stellen. Deze
grand lady heeft wegens gezondheidsproblemen moeten afhaken. Maar nieuwkomer Tony Neef maakt dat gemis goed. Hij is een waardige aanvulling op de vaste Purpercrew en lijkt zich prima thuis te voelen in de groep.
Purper lijkt niet veel waarde aan rekwisieten te hechten. Toch weten ze met weinig instrumenten een smaakvolle ambiance te creëren. De steeds wisselende belichting maakt het decor tot een soms adembenemende schoonheid, een lust voor het oog. In combinatie met de statige kleding van de acteurs geeft dit het geheel soms een gracieuze uitstraling.
Purperconcept
Naast een aantal nieuwe, zelfgeschreven liedjes brengen ze ook een aantal medleys van bestaande nummers als ‘Music was my first love’ en ‘What the world needs now’. Het is verbazingwekkend hoe ze er iedere keer weer in slagen om verschillende songs te laten samensmelten zodat het lijkt alsof ze één nummer zingen. De meerstemmige zangstijl waarin ze deze zingen is het kenmerk van Purper. Je zou zo langzamerhand van een “Purperconcept” kunnen spreken.
Ook ‘Purper in Concert’ kunnen de heren toevoegen aan hun lange reeks van successen. Wederom slagen ze er in om een mooie muzikale voorstelling te brengen met veel humor en toch ook een serieuze ondertoon. Door hun manier van zingen creëert Purper een warme sfeer die, in deze koude maanden en verkilde maatschappij, prettig aanvoelt. Kortom: het is weer genieten met hoofdletter G.