Is het mogelijk om het grootste deel van je tijd en energie aan werk te besteden en toch je persoonlijkheid te bewaren? Om die vraag gaat het in de voorstelling 'Dagelijks Brood' van het Nationale Toneel. Dat helemaal niets doen geen optie is, wordt aan het begin van de voorstelling wel duidelijk gemaakt. Maar het alternatief: meedraaien in een onmenselijk systeem, is daar wel mee te leven?
Het publiek krijgt vanaf het begin van de voorstelling weinig houvast. Het is onduidelijk waar we zijn; de wanden van het decor zijn wit, aan het plafond hangen een heleboel witte lampen en midden op het toneel staat een koffiezetapparaat, zoals die in bedrijfskantines staan. Bevinden we ons in een kantoor? Ook de vijf acteurs verraden met hun uiterlijk niets; allemaal zijn ze gekleed in wit ondergoed. Als daar maar een touw aan vast te knopen is, denk je dan. Temeer daar er de eerste tien minuten niets gezegd en niets wordt gedaan.
Laboratoriumopstelling
Maar als ze dan beginnen te spreken, is het direct goed. Niet dat er heel veel informatie wordt gegeven, maar wat er gezegd wordt is raak. De drie vrouwen en twee mannen voeren monologen op. Ze wisselen elkaar af, vullen elkaar aan en bij vlagen wordt er razendsnel van de een naar de ander geschakeld; maar van onderlinge communicatie is amper sprake. Over hun concrete omstandigheden vertellen ze nagenoeg niets. Geen van hen heeft een relatie of een gezin, zoveel wordt wel duidelijk. Ze hebben het uitsluitend over hun werk en wat dat met hun persoonlijkheid doet. Wat dat werk precies is, is met uitzondering van degene die als serveerster de uren uitzit (Gonny Gaakeer), niet helemaal duidelijk, maar aan de hand van het jargon dat ze bezigen valt wel het een en ander op te maken.
In deze opzet heeft 'Dagelijks Brood' iets weg van een laboratoriumopstelling; hoe ziet een mens eruit als we alles wat niet met werk te maken heeft wegfilteren? Als we familie, afkomst, liefde, trauma's en wat al niet, buiten beschouwing laten en alleen observeren wat het met je doet om deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Daar dreigt dan ook de zwakte van het stuk; het zijn vijf zeer gemiddelde mensen. De een is wat succesvoller in zijn werk dan de ander, maar er is niemand met een passie, met een talent waarmee gewoekerd wordt, met een roeping desnoods. Maar hoe kunstmatig de situatie dan ook moge zijn, deze proef is toch zeer geslaagd.
Eenpersoons universumpjes
Voor ieder van de vijf ziet de worsteling met het werkende bestaan er anders uit. Terwijl de carrièrevrouw (Pauline Greidanus) tot de ontdekking komt dat ze naast haar werk eigenlijk geen identiteit meer heeft, probeert de ander (Annelien van Binsbergen) verwoed een baan vast te houden om zich een leven te verschaffen. Juist in hun strijd tegen het als onmenselijk ervaren systeem, tekent hun eigen menselijkheid zich des te scherper af. Voor allemaal ga je sympathie voelen. De mooiste momenten zijn wanneer de eenpersoons universumpjes elkaar lijken te raken. Wanneer de monologen in elkaar haken en op dialogen beginnen te lijken. Direct wordt de kans aangegrepen om normale, menselijke dingen te gaan doen; een afspraakje maken, op vakantie gaan. Maar het komt nooit van de grond.
'Dagelijks Brood' is een aantrekkelijke voorstelling die tot nadenken stemt. Vijf getalenteerde acteurs weten je stuk voor stuk voor hun probleem te interesseren; problemen die voor iedereen herkenbaar zijn. Het publiek wordt voortdurend bij de les gehouden; de acteurs zoeken oogcontact met, en richten zich zo nu en dan direct tot de mensen in de zaal. Er is genoeg te zien; een hilarisch-verbeten dansact op Duitse rockmuziek, of een steeds chaotischer wordende aan- en uitkleedscène. Maar het sterkst is de tekst van de Duitse theaterschrijftster Gesine Danckwart, die in vertaling van Susanne Kennedy volkomen overeind blijft. Het is een intelligent stuk; niet uitleggerig en niet onnodig mystificerend. Alle overbodig ballast is weggelaten, wat overblijft zijn glasheldere zinnen waar de acteurs schijnbaar moeiteloos mee uit de voeten kunnen. Het is een genot om zoveel vervreemding en frustratie zo fraai verwoord en verbeeld te zien.